Vorig weekend stond ik aan de start van de Valtriman, een ‘lange’ kwarttriatlon (1500 meter zwemmen, 53 kilometer fietsen en 10 kilometer lopen) in het prachtige Eppe-Sauvage, net over de Franse grens. De wedstrijd zelf vond plaats rond het meer van ValJoly. Zaterdagmiddag kwam ik daar aan om samen met coach Jan Van de Poel het parcours te verkennen. En ik merkte het meteen, dit is echt een fietsparcours dat op mijn lijf geschreven is. Vijf beklimmingen per ronde (dus tien in totaal), niet te steil waardoor ik steeds op souplesse vlot naar boven reed, maar wel lang genoeg om het verschil te maken. Zalig gewoon! Dat gaf me vertrouwen voor de wedstrijd.
Het plan was ook nog even te zwemmen in het meer van ValJoly, maar dat mocht helaas niet. Dan maar gesupporterd bij de 1/8ste die op dat moment plaatsvond.
ValJoly
Ruim op tijd op zondag aangekomen bij de start. Vervolgens nummer afgehaald en fiets in de wisselzone gezet. En hoewel het op de dag van de wedstrijd zelf niet echt warm was, was de watertemperatuur boven de 24 graden waardoor het een non-wetsuit wedstrijd was. Leuk, zo kon ik meteen mijn nieuwe deboer Tsunami 4.0 uitproberen!



De Fransen houden van een massastart. Net zoals in Lyon stond ik opnieuw helemaal vooraan, naast de coach. Het plan was om even door te trekken tot aan de eerste boei. Blijkbaar had iedereen dat idee, want bij die boei kwam alles samen. Ik heb zelden zoveel chaos gezien. Een paar keer werd ik gewoon ondergeduwd en ik heb best wel wat moeten incasseren… gelukkig zonder erg. Na die eerste boei ging het er gelukkig rustiger aan toe en het lukte me om de hele tijd in iemand zijn voeten te zwemmen. Of ik echt snel genoeg ging, weet ik niet goed. Ik had alvast niet zo’n opgejaagd gevoel als in Lyon. Na 00:23:32 kwam ik als 53ste uit het water. Maar ik betwijfel of we effectief 1500 meter gezwommen hebben… volgens mijn uurwerk was het slechts 1250 meter.
Snel
Na een probleemloze wissel begon het fietsen meteen met de steilste klim. Een paar atleten staken me voorbij, maar in mijn binnenste dacht ik: tot straks! En zo was het ook. Ik heb echt het gevoel dat ik die 53 kilometer superhard gereden heb. Elke klim was zalig, en in het begin haalde ik de ene atleet na de andere in.
Boven op de derde klim schakelde ik naar een zwaardere versnelling, en plots vloog mijn ketting er vooraan af. Gelukkig rustig gebleven, afgestapt, en in een vloeiende beweging de ketting er weer opgelegd. Ondertussen stak een atleet me voorbij en vroeg of alles in orde was. Ja hoor — ik sprong opnieuw op mijn fiets en kon weer doen wat ik het liefst doe: vlammen.

Na de eerste ronde reed ik al op de zevende positie. De tweede ronde was daardoor behoorlijk eenzaam. Ik haalde nog slechts twee atleten in, maar kon mijn hoge tempo wel aanhouden. Echt straf, ik heb een gemiddelde van 308 watt getrapt, ik wist niet dat ik dat kon. Na 01:23:23, goed voor de beste fietstijd, kwam ik terug in de wisselzone.
Oh jee, kramp
Opnieuw snel gewisseld, en die steile klim moesten we nu dus oplopen. Even bijna gestruikeld bij de start van de klim, en dan rustig naar boven. Niets forceren. Na die klim volgde een serieuze afdaling die eigenlijk even moeilijk en belastend was…
Plots zag ik de vierde voor mij. Hij stond bijna stil van de krampen. Ik gaf hem een schouderklopje en een paar bemoedigende woorden. Maar nog geen kilometer verder was het mijn beurt. Mijn supporters riepen me toe, zalig, en terwijl ik daar volop van aan het genieten was, stapte ik in een putje en kreeg ik hevige kramp. Ik heb me even aan de kant moeten zetten om te stretchen. Die atleet van daarnet stak me terug voorbij en nu was het zijn beurt om mij moed in te spreken.
Gelukkig kon ik terug beginnen lopen, eerst nog wat aarzelend, maar al snel liepen we samen enkele honderden meters. Zodra het weer wat meer bergop ging, liep ik alleen op de vierde plaats. De rest van de wedstrijd was het opletten om geen krampen meer te krijgen. De benen bleven gevoelig, en die trappen op het parcours deden er ook geen deugd aan.





De tweede ronde bracht wat meer afleiding met de drukte van andere atleten op het parcours. Altijd fijn om dan een paar ploegmaats tegen te komen. En ondanks de gevoelige benen, lukte het me toch om een mooi tempo aan te houden.
Uiteindelijk bereikte ik na 00:41:07 lopen de finish, goed voor de zesde looptijd. En zo finishte ik de Valtriman in 02:32:49, als vierde in het algemeen klassement en als age group winnaar. Super goed, maar stiekem toch ook wat teleurgesteld dat ik net naast het algemeen podium viel.
Maar die teleurstelling was maar van korte duur. Ik kwam hier naartoe als voorbereiding op Roth, en die test is meer dan geslaagd. Vooral op de fiets heb ik waarden gereden die vertrouwen geven voor wat nog komt. Nu volgt nog een maand hard trainen, en dan is het tijd voor het echte doel van dit seizoen: Challenge Roth.
Met dank aan Katrien Decru en Els De Meester voor de prachtige foto’s!
